"Als de limburgbui valt bij hoogwater in de Rijn, kan het spannend worden"

Hoogwater bij Well, zomer 2021 - bron: Waterschap Limburg

31 maart 2025

Waterschap Rijn en IJssel klaar met bovenregionale stresstest

“Ook het regionaal watersysteem moet toekomstbestendig worden”

Waterschap Rijn en IJssel heeft met een bovenregionale stresstest onderzocht wat de impact is als in de Achterhoek en Liemers een monsterbui valt, zoals in 2021 in de Eiffel. De water(overlast)beelden die dit opleverde, maken duidelijk met welke risico’s we rekening moeten houden bij een toekomstbestendige inrichting van het Rijngebied.

Ysbrand Graafsma weet het nog goed. Op weg naar een weekje vakantie in Normandië in de zomer van 2021, hoorde hij op de radio over de extreme regenval in de Eiffel. Die zou later in ons land ‘de bui van Limburg’ gaan heten.

“Ik kon het niet geloven”, vertelt Ysbrand. “De hele week ben ik het nieuws blijven volgen, want zoiets had ik nog nooit meegemaakt. Zoveel neerslag in een korte periode en vervolgens ook nog hoogwater op de Maas in de zómer! Dat kón toch helemaal niet?” Helaas: dat kon wel. En de impact van die monsterbui was enorm.

“In België en Duitsland zijn zelfs doden gevallen”, memoreert Ysbrand. “Anderhalf jaar later was ik op excursie in het Rijngebied in Duitsland, in het dal van de Ahr. Ik schrok me toen nog kapot van de verwoesting. Zo bekeken mogen we in Nederland nog van geluk spreken dat Limburg niet in de kern van de bui zat. Al zitten inwoners en ondernemers daar nu ook nog met de psychische, materiële en financiële schade van de wateroverlast.”

Ysbrand Graafsma, senior beleidsadviseur Waterschap Rijn en IJssel, foto: Peter Venema

Na de bui van Limburg: regionale stresstesten

De bui van Limburg was aanleiding voor het Rijk om in het voorjaar van 2024 aan alle waterschappen te vragen om in kaart te brengen wat in hun werkgebied het effect zou zijn van zo’n enorme regenbui. Zo’n test hadden Ysbrand en collega’s al voorbereid, dus is Waterschap Rijn en IJssel nu als eerste waterschap klaar.

Ysbrand: “Het bijzondere aan die bui in 2021 was niet alleen dat in 48 uur 180 millimeter viel, maar vooral dat dit water op een relatief groot oppervlak viel.” Simpel gezegd: de bui trok niet over, maar bleef ‘hangen’ boven een heel groot gebied. “Het KNMI geeft aan dat het risico op dit soort lokale extreme buien toeneemt”, licht Ysbrand toe.

Kaartbeeld waterstanden bij extreme buien in de Achterhoek - bron: Waterschap Rijn en IJssel

Natte kelders en onbereikbare dorpen

De waterschappen reken(d)en in hun bovenregionale stresstesten met 200 millimeter regenval in twee dagen tijd. Om een idee te geven: dat is zo’n kwart van de regen die normaal in één jaar valt in de Achterhoek, dat ligt in het beheergebied van Waterschap Rijn en IJssel.

Wat bleek? Onder meer dat in delen van de Achterhoek (zoals delen van Doetinchem, Groenlo, Borculo Terborg en Gendringen) kelders onderlopen en de begane grond zelfs blank komt te staan. Dorpen als Ulft en Gendringen zullen onbereikbaar zijn doordat wegen overstromen. Dit is vooral aan de hand als zo’n Limburgbui valt als de grond al vol zit met grondwater.

In de stresstest is ook gekeken naar samenspel van het regionale systeem met de Rijn (het zogeheten hoofdwatersysteem). Als die monsterbui namelijk valt bij hoogwater in de Rijn, kan het extra spannend worden. Er kan dan niet afgewaterd worden op de rivier. Laaggelegen poldergebieden, zoals bij Westervoort en Duiven in de Liemers, lopen dan extra risico op overstroming.

Kans op extreme buien neemt toe

De kans dat een ‘Limburgbui’ opnieuw valt, is niet heel groot – schattingen lopen uiteen van eens in de driehonderd tot duizend jaar – maar die kans neemt wél toe door klimaatverandering. En als die bui valt, is de impact heel groot zoals we na 2021 ook hebben gezien in Oostenrijk, Duitsland en Spanje.

Risicodialoog en crisisbeheersing

Waterschap Rijn en IJssel pakte het onderzoek breed aan, samen met provincies, gemeenten, Rijkswaterstaat en de Veiligheidsregio’s in het beheergebied.

Met de water- en overstromingsbeelden op tafel, keken de organisaties samen waar grote gevolgen optreden en ook mogelijk slachtoffers kunnen vallen. En ook naar welke vitale infrastructuur risico loopt - denk aan ziekenhuizen, elektriciteitsvoorzieningen en brandweerkazernes – en wat mogelijke oplossingen en crisisbeheersingsmaatregelen zijn. “Dat heeft wel ogen geopend en inzicht gegeven”, merkt Ysbrand.

Qua oplossingen kun je denken aan bescherming van bepaalde gebieden met kades en keringen en aan meer wateroverloopgebieden, die je bijvoorbeeld slim combineert met recreatie, landbouw en natuur. Naar de toekomst geven deze kaartbeelden ook inzicht in waar er voor nieuw te ontwikkelen woningbouwlocaties of industrieterreinen risico’s zijn op wateroverlast of overstroming. Dat vraagt om een goede afweging of je dit nog technisch op kunt lossen of dat je hier beter niet kunt ontwikkelen.

Meer ruimte voor het regionaal systeem

Alle mogelijke risico’s op mogelijke wateroverlast helemaal voorkomen, is onbetaalbaar en gezien de beschikbare ruimte ook onhaalbaar. “We zullen ook moeten leren leven met meer risico op wateroverlast”, denkt Ysbrand. “En met deze waterbeelden als basis gerichter onderzoeken waar maatregelen écht nodig zijn en welke dat dan moeten zijn.”

Wateroverlastrisico: kaarten online

Voor de zomer van 2025 publiceert Waterschap Rijn en IJssel online kaarten waarop risico’s voor droogte, wateroverlast, waterveiligheid en bodemdaling in beeld zijn gebracht. Informatief voor inwoners, maar zeker ook voor overheden als input voor hun omgevingsbeleid. Na de waterbeelden wordt in een risicodialoog onder regie van de provincie beoordeeld in welke mate de gevolgen van wateroverlastrisico’s acceptabel zijn. En wat gedaan kan worden om de ‘robuustheid van de ruimtelijke inrichting’ (en toegekende functies) te vergroten.